Persberichten
PI Redactie

Geregistreerd op: 4-11-2004
Berichten: 7590
|
| Geplaatst: Vr 3 Jun 2005, 09:57 |
 |
|
Omdat volksgezondheid belangrijk is, onderschrijft de VLD het doel van het beleid van minister Demotte dat roken ontmoedigt. Ook in de horeca moet terzake een beleid worden ontwikkeld. Toch stelt de VLD zich vragen bij de praktische toepasbaarheid van de plannen van minister Demotte. Concreet lijkt de “30-procent-regel” van de minister (horeca-zaken die in hun jaarlijkse omzet niet meer dan 30% uitgeven aan eten kunnen een uitzondering vragen op het rookverbod) zeer moeilijk te controleren en dreigt ze te leiden tot een grotere bureaucratie. Daarom stelt de VLD een alternatieve regeling voor met dezelfde duidelijke ambitie, met name de horeca in ons land meer rookvrij maken. De VLD vertrekt echter van de keuzevrijheid van de horeca-uitbater en de consument. Kernpunten van het VLD-voorstel zijn een verplicht label en financiële stimuli die het rookvrij maken van een zaak aantrekkelijk moeten maken.
De uitgangspunten
Er zijn drie grote uitgangspunten. Ten eerste moet het beleid dat roken ontmoedigt, tot stand komen samen mét de horeca, en niet tegen de horeca in. Daarom stelt de VLD voor dat de regeling deel uitmaakt van de globale convenant die minister Marc Verwilghen momenteel onderhandelt met de horecasector. Deze convenant zou dan naast een fiscaal luik, een sociaal luik, een economisch luik ook een luik met betrekking tot de volksgezondheid bevatten.
Ten tweede is er het principe van de keuzevrijheid. De VLD pleit voor een verplicht label voor alle horecazaken dat goed zichtbaar wordt aangebracht aan de zaak. Op die manier kiest de uitbater zelf of zijn zaak al dan niet rookvrij is en wordt ook de keuzevrijheid van de consument gegarandeerd. Hij of zij wordt duidelijk geïnformeerd over het al dan niet rookvrije karakter van de zaak.
Ten derde wil de VLD horeca-uitbaters aanmoedigen om te kiezen voor een rookvrije zaak. Sterke fiscale en financiële stimuli moeten de horeca-uitbaters overtuigen. Dit proces zal zo mogelijk nog versterkt worden door de buitenlandse ervaring die leert dat rookvrije horecazaken eerder klanten winnen dan verliezen. De middelen die minister Demotte zal moeten steken in controleurs, kunnen voor de VLD beter gebruikt worden om horeca-uitbaters aan te moedigen te kiezen voor een rookvrije zaak.
Uitzondering voor restaurants sensu stricto
Voor restaurants wil de VLD eventueel een specifieke regeling aanvaarden. Hier is een principieel rookverbod met een afzonderlijke rookkamer bespreekbaar. Dit zou dan een uitzondering zijn op de algemene keuzevrijheid voor de horeca-uitbaters. Maar de VLD stelt wel drie voorwaarden. Vooreerst moeten de noodzakelijk investeringen fiscaal en/of financieel gecompenseerd worden. Bovendien moet deze afwijkende regeling voorwerp zijn geweest van een overleg met de betrokken sector. En tenslotte moet deze categorie strikt afgelijnd worden. Deze categorie van restaurants moet zo restrictief mogelijk worden bepaald. Eetcafés en brasseries, bijvoorbeeld, behoren niet tot deze categorie.
Snellere inwerkingtreding en evaluatie
De VLD dringt aan op het snel afsluiten van de globale convenant, zodat de regeling inzake roken sneller in werking kan treden dan 1 januari 2007. Een evaluatie na verloop van tijd moet ook duidelijk maken of de doelstelling, namelijk het creëren van een groeiend aantal rookvrije horeca-zaken, daadwerkelijk werd gerealiseerd en hoe de maatregelen eventueel kunnen worden versterkt en uitgebreid. |